Het vervolg op onze blog 1) over de beroepen tegen het prioriteringskader van de ACM. Waar ging het ook alweer over?

De ACM heeft in 2024 een prioriteringskader opgesteld voor de afhandeling van transportverzoeken op het elektriciteitsnet van partijen die een maatschappelijk belang dienen. In beginsel moeten netbeheerders transportverzoeken op volgorde van binnenkomst afhandelen (first come, first served). Vanwege de drukte op het net zijn er echter lange wachtlijsten. Maatschappelijke functies komen zo in het gedrang. Het prioriteringskader verplicht netbeheerders om voorrang te geven aan partijen die een maatschappelijke functie vervullen die in het kader is opgenomen. Zij komen dus eerder aan de beurt zodra er ruimte op het net beschikbaar is.
In het eerste gepubliceerde kader had de ACM ervoor gekozen alleen voorrang geven aan maatschappelijke functies die werden genoemd in de Verordening Gasleveringszekerheid. Daar hebben veel partijen, waaronder VodafoneZiggo, met succes beroep tegen ingesteld. De hoogste bestuursrechter op dit onderwerp, het College van Beroep voor het bedrijfsleven (CBb) vernietigde dat ACM-besluit, maar oordeelde ook dat de ACM de bevoegdheid heeft om zelfstandig een kader op te stellen. De ACM mocht het strakke keurslijf van de Verordening Gasleveringszekerheid dus loslaten. Na een publieke consultatieronde heeft de ACM een nieuw prioriteringskader opgesteld, dat per 31 december 2025 in werking is getreden.
Wat heeft de ACM ervan gemaakt?
Het kader geeft voorrang aan drie typen partijen:
- Categorie 1: Congestieverzachters
Dit zijn partijen die extra ruimte op het elektriciteitsnet creëren, zoals grootschalige batterijsystemen. Deze categorie krijgt de hoogste prioriteit. Aanvragen binnen deze categorie worden onderling afgehandeld op basis van doelmatigheid.
- Categorie 2: Veiligheid
Dit betreft functies die essentieel zijn voor de nationale veiligheid en vitale processen, waaronder de acute gezondheidszorg, de openbare drinkwatervoorziening, bepaalde gesloten communicatiesystemen, politie, brandweer en veiligheidsdiensten. Veiligheid is een randvoorwaarde voor het functioneren van de samenleving. Als deze functies geen (aanvullende) transportcapaciteit krijgen, kan dat leiden tot ernstige schade aan de nationale veiligheid, fysieke veiligheid of publieke dienstverlening. Daarom krijgen zij voorrang boven basisbehoeften.
- Categorie 3: Basisbehoeften
Dit gaat om maatschappelijke functies die cruciaal zijn voor het dagelijks functioneren van de samenleving, waaronder afvalstoffenbeheer, onderwijs, openbaar vervoer, telecommunicatie en woonbehoefte. Het niet kunnen uitvoeren van deze functies leidt tot ernstige maatschappelijke ontwrichting of grote publieke hinder. Zij krijgen daarom voorrang boven niet-geprioriteerde partijen.
Binnen categorie 2 en 3 geldt nog steeds dat verzoeken worden afgehandeld op basis van volgorde van binnenkomst.
Gemiste kans?
Het prioriteringskader wordt slechts beperkt ingezet om meer ruimte op het elektriciteitsnet te creëren. Er gelden strenge voorwaarden om als congestieverzachter te kwalificeren. Zo vereist de definitie van congestieverzachter dat de netbeheerder vaststelt dat het toekennen van transportcapaciteit aan een partij ertoe leidt dat de beschikbare transportcapaciteit voor overige partijen toeneemt en niet leidt tot toename van congestie in een ander netdeel – dit op basis van zo actueel mogelijke gegevens. Bovendien moet de congestieverzachtende partij een overeenkomst aangaan met de netbeheerder waarin wordt vastgelegd dat de partij zich zal gedragen als congestieverzachter op aanwijzing van de netbeheerder. De netbeheerder moet dus kunnen afdwingen dat laadgedrag daadwerkelijk net-ontlastend werkt. Hierdoor kan vrijwillig of markt-gedreven ‘netbewust gedrag’ geen overweging zijn voor het toekennen van prioriteit.
Hoewel begrijpelijk, leidt deze systematiek ertoe dat bepaalde kansen om meer flexibiliteit te in te zetten wellicht onbenut blijven. Voor laadpaalinfrastructuur en elektrische voertuigen geldt namelijk dat zij niet binnen de categorie congestieverzachter vallen, tenzij er een overeenkomst met de netbeheerder wordt aangegaan waarin wordt vastgelegd dat aanwijzingen van die netbeheerder te allen tijde zullen worden opgevolgd. Gezien het enorme en groeiende aantal elektrische voertuigen en de behoefte aan meer laadinfrastructuur (bij o.a. nieuwbouwwoningen en grootschalige renovaties van gebouwen, maar ook bij openbare laadvoorzieningen), zou het juist gunstig zijn als nieuwe laadinfrastructuur flexibel wordt gebruikt. Voorrang krijgen als congestieverzachter, was dan wellicht een mooi duwtje in de rug geweest voor laadpaalexploitanten of andere partijen om netbewust om te gaan met die transportcapaciteit. Een meer vrijwillige prikkel of markt-gedreven criterium, zou hun daar ook toe kunnen verleiden.
Telecommunicatie in het kader
De ACM heeft geworsteld met het opnemen van telecommunicatie in het kader, zowel in categorie 2 als categorie 3. Telecommunicatie dient namelijk evident een maatschappelijk belang, maar kan ook worden gebruikt voor diensten die minder maatschappelijk relevant zijn (zoals eindeloos doomscrollen). De ACM wilde telecommunicatie eerst alleen opnemen in categorie 2, en dan alleen voor zover het verzoek nodig was om ononderbroken toegang tot het alarmnummer 112 en NL-Alert te waarborgen.
Diverse partijen hebben de ACM erop gewezen dat het vanuit juridisch en praktisch oogpunt onmogelijk is om een onderscheid te maken tussen ‘maatschappelijk relevant’ en ‘niet maatschappelijk relevant’ dataverkeer. Voor netwerkaanbieders is het niet mogelijk om verkeer naar hulpdiensten te onderscheiden van ander dataverkeer. Daar komt bij dat digitale verbondenheid en goed functionerende telecommunicatienetwerken randvoorwaarden zijn voor het functioneren van de Nederlandse samenleving. Telecommunicatie is daarmee een basisbehoefte.
In de definitieve versie van het kader heeft de ACM ervoor gekozen om toegang tot noodhulpdiensten via het openbare net niet op te nemen in categorie 2. Volgens de ACM is de bereikbaarheid van deze diensten voldoende gewaarborgd onder de Telecommunicatiewet. De ACM heeft er echter wel voor gekozen om toegang tot openbare telecommunicatienetwerken in categorie 3 te plaatsen. Daarmee heeft de ACM het maatschappelijk belang van robuuste telecommunicatienetwerken na een lange procedure als basisbehoefte erkend.
En nu?
De praktijk zal moeten uitwijzen of het prioriteringskader daadwerkelijk bijdraagt aan snellere toegang tot het elektriciteitsnet voor partijen met een maatschappelijk belang. De ACM zal het kader na twee jaar evalueren.
Het prioriteringskader biedt geen directe oplossing voor netcongestie en zal slechts voor enkele maatschappelijke partijen op korte termijn een uitkomst bieden. Andere partijen die te maken hebben met netcongestie kunnen zoeken naar creatieve oplossingen in samenwerkingen met andere partijen. Kennedy Van der Laan denkt graag mee. Zie voor inspiratie onze website.
1) https://kvdl.com/artikelen/cbb-prioriteringskader-acm-moet-opnieuw
