Woningbouw stokt niet op ambitie, maar op samenwerking. Tijdens het door WoningBouwersNL georganiseerde woningbouw-debat (Amersfoort, 4 februari), in aanloop naar de gemeenteraadsverkiezingen van 2026, stond één vraag centraal: hoe halen we de bouw van 100.000 woningen per jaar?

Aan het debat namen gemeenteraadsleden, provinciale bestuurders, bouwers, ontwikkelaars en andere professionals uit de woningbouwketen deel. De opkomst was groot, de betrokkenheid hoog en de discussie open. De conclusie was eensluidend: de bereidheid om te bouwen is breed aanwezig, maar juist concrete en haalbare projecten lopen vast door gebrekkige samenwerking, stapeling van eisen en een structureel tekort aan ambtelijke capaciteit.
Aan de hand van verschillende praktijkvoorbeelden werd duidelijk hoe de bouw van woningen kan vastlopen op het snijvlak van gemeentelijk en provinciaal beleid. Zo komt een kleinschalige uitbreiding aan de rand van een kern in Zuid Holland, typisch ‘straatje erbij’, al jaren niet van de grond ondanks dat er breed draagvlak voor is bij bewoners, gemeente en marktpartijen. Buiten de afwijzing op grond van provinciaal beleid geeft de provincie niet thuis op verzoeken tot overleg om tot een passende oplossing te komen. Roel van Drongelen (Thunnissen) begrijpt het niet: ”Dit is echt laaghangend fruit waar we iedereen een plezier mee doen”.
Een ander voorbeeld liet zien hoe een al jarenlang aangewezen uitbreidingslocatie alsnog vastloopt. Niet door een gebrek aan behoefte of haalbaarheid, maar door verschuivende bestuurlijke prioriteiten, beperkte ambtelijke capaciteit en onduidelijkheid over wat van initiatiefnemers wordt verwacht. Het gevolg is vertraging, onzekerheid en een verder oplopend woningtekort. Wethouder Noordhoek (gemeente Woerden): “Het afwegingskader van de gemeente is complex en het klopt dat we onze capaciteit moeten verdelen. Lopende projecten hebben prioriteit. Vervolgens komen projecten met maatschappelijke waarde voor de wijk/buurt bovenaan het lijstje te staan”
Ook historisch erfgoed in combinatie met woningbouw kwam aan bod. Hier bleek hoe ambities rond erfgoed kunnen blokkeren wanneer de gemeente geen urgentie voelt door andere projecten in de planning, de kosten rondom dat erfgoed stijgen en een gebrek aan capaciteit bij het provinciale erfgoedteam. Daarbij werd vanuit het factcheckteam (Friso de Zeeuw en Jannes van Loon) de kanttekening geplaatst dat voldoende plancapaciteit cruciaal is om de woningbouwproductie robuust te houden.
Naast de knelpunten was er nadrukkelijk aandacht voor oplossingen. Een praktijkvoorbeeld van een vastgelopen ontwikkeling die alsnog vlot werd getrokken, liet zien dat het verschil vaak zit in regie en samenwerking. Door een onafhankelijk aanjaagteam in te zetten dat het proces begeleidt en partijen structureel aan tafel houdt, ontstond ruimte om belangen te verbinden en knopen door te hakken.
De belangrijkste les: versnelling vraagt om vertrouwen tussen overheid en markt, een duidelijke rolverdeling en het lef om zo nu en dan het roer om te gooien en andere prioriteiten te stellen. Regisseren betekent kaders stellen en toetsen, maar ook ruimte laten voor uitvoering.
In het debat over bovenwettelijke eisen klonk een duidelijke oproep. Lokale aanvullingen op landelijke regelgeving, bijvoorbeeld rondom woninggrootte of programma-eisen maken projecten vaak financieel onhaalbaar en zorgen voor extra vertraging. De boodschap vanuit de zaal: laat landelijke normen leidend zijn en benut regionale versnellingstafels eerder om dit soort knelpunten gezamenlijk op te lossen.
Ook de rol van regionale versnellingstafels en publiek-private monitoring kwam uitgebreid aan bod. Deze instrumenten kunnen helpen om grip te krijgen op de woningbouwopgave, mits alle relevante partijen gelijkwaardig deelnemen en de focus ligt op oplossen in plaats van verantwoorden. De effectiviteit verschilt sterk per regio, waarbij vertrouwen en openheid opnieuw doorslaggevend blijken.
De rode draad van het debat is helder: iedereen voelt de urgentie van het woningtekort, maar vertraging ontstaat zodra het gesprek stokt. Echte versnelling vraagt om minder stapeling van ambities, meer regie en betere samenwerking.
Of zoals het kernachtig werd samengevat: maak keuzes met de woningzoekende in het achterhoofd en werk samen vanuit dat gemeenschappelijke doel.
