Onder de Omgevingswet worden vijf elementen van cultureel erfgoed gezien als onderdeel van de fysieke leefomgeving. Dit zijn (1) monumenten, (2) archeologische monumenten, (3) stads- en dorpsgezichten, (4) cultuurlandschappen en (5) roerend cultureel erfgoed, indien dit aan een fysieke locatie verbonden is.
De Omgevingswet stelt dat gemeenten cultureel erfgoed mee moeten nemen in het opstellen van het omgevingsplan. Niet elke gemeente heeft (evenveel) cultureel erfgoed en in verschillende gemeenten zal de bescherming van erfgoed meer of minder belangrijk zijn. Er is ruimte voor gemeenten om zelf te besluiten in hoeverre het erfgoed concreet beschermd zal worden door het omgevingsplan. Uiteraard moet hierbij wel rekening gehouden worden met de het Besluit kwaliteit leefomgeving (artikel 5.130 en artikel 5.131) en het Besluit activiteiten leefomgeving. In het tijdelijk deel van het omgevingsplan zijn bestaande regels uit onder andere het bestemmingsplan en de welstandsnota opgenomen.
Welstandstoezicht is onder de Omgevingswet anders ingericht dan voorheen onder de Woningwet. In het nieuwe systeem is voor gemeenten meer ruimte om zelf invulling te geven aan begrippen als welstand en omgevingskwaliteit. De gemeente is onder de Omgevingswet bijvoorbeeld niet verplicht een welstandscommissie in stand te houden.
Welstand blijft uiteraard wel een rol spelen onder de Omgevingswet. Regelgeving rondom welstand dient opgenomen te worden in het omgevingsplan. In het nieuwe deel van het omgevingsplan kan de gemeente bepalen in hoeverre bouwwerken of activiteiten moeten voldoen aan bepaalde eisen van welstand. Deze regels kunnen indien nodig of wenselijk doormiddel van een beeldkwaliteitsplan verder uitgewerkt worden. Een beeldkwaliteitsplan is niet verplicht onder de Omgevingswet, maar de gemeente kan ervoor kiezen om deze in te zetten om de regels over het uiterlijk van bouwwerken in het omgevingsplan concreter in te vullen.
In het tijdelijk deel van het omgevingsplan zijn beleidsregels over welstand opgenomen (artikel 22.7 en 22.29 van de bruidsschat). Voor welstandsnota geldt bijvoorbeeld overgangsrecht (artikel 4.114, lid 1 van de Invoeringswet Omgevingswet), waarmee de welstandsnota geldt als beleidsregel. (artikel 4.19 van de Omgevingswet).
Wanneer is sprake van ‘cultureel erfgoed’ in de zin van de Omgevingswet? En kan de algemene zorgplicht van artikel 1.7 Omgevingswet worden overtreden als het te slopen pand niet is aangewezen als cultureel erfgoed?
SamenvattingenBevoegdheid tot monumentenaanwijzing vervalt niet door eerdere besluitvorming (waarin juist is afgezien van aanwijzing)
SamenvattingenMag de status 'beschermd stadsgezicht' worden ingetrokken voor stedelijke vernieuwing?
SamenvattingenStedenbouw zegt 'Ja', welstand zegt 'Nee'. Hoe motiveer jij je besluit als vergunningverlener bij afwijkende adviezen?
SamenvattingenParkeren “om de hoek” en het passeren van welstand: twee lessen uit één uitspraak van de Raad van State
SamenvattingenErfgoedverordening geeft gemeente geen vrijbrief om aanvragen gemeentelijk monument onbehandeld te laten
SamenvattingenStedenbouw zegt 'Ja', welstand zegt 'Nee'. Hoe motiveer jij je besluit als vergunningverlener bij afwijkende adviezen?
SamenvattingenSoest presenteert ambitieus Erfgoedprogramma: erfgoed als bouwsteen voor de toekomst
NieuwsOnderzoeksresultaten betere bescherming monumentale bomen gepresenteerd
Nieuws-persberichtAgrarisch erfgoed: herbestemming voor een herkenbaar cultuurlandschap
VideoVergunningverlening bij negatief RCE-advies en de redengevende omschrijving bij monumenten
SamenvattingenDuurzaam tuinieren in Groen Erfgoed
Handreikingen