In dit besluit wordt verstaan onder:
hoofdwateren: oppervlaktewateren in beheer bij het Rijk, vermeld in de bijlage bij de Uitvoeringsregeling waterhuishouding;
zijwateren: oppervlaktewateren die in verbinding staan met een hoofdwater;
bebouwde kom: bebouwde kom als bedoeld in artikel 20a van de Wegenverkeerswet 1994;
niet bevaarbare wateren: oppervlaktewateren zonder bevaarbaarheidsklasse;
afwateringseenheid: stelsel van waterlopen dat door dijken of kaden wordt omsloten en dat door middel van een kunstwerk kan afwateren op een hoofdwater of op een andere afwateringseenheid;
haven: oppervlaktewateren die onder de naam «haven» bekend staan of die «aanlegplaats voor schepen» als functie hebben;
kunstwerk: een waterstaatswerk als bedoeld in artikel 1, eerste lid, Wet beheer rijkswaterstaatswerken dat voor een functionele afsluiting, scheiding of overstort zorgt;
hoogwaterkering of hoog waterkerende gronden: duinen, kunstwerken, dijken of primaire waterkeringen als bedoeld in de Wet op de waterkering of andere natuurlijke of kunstmatige omstandigheden die het water bij hoge stand keren dan wel het zijwater scheiden van het hoofdwater;
vrij afstromende gedeelte van een water: het gedeelte bovenstrooms van de uitmonding van dat oppervlaktewater in een ander oppervlaktewater.
(18-02-2015)
|
Datum van inwerking- treding |
Terugwerkende kracht |
Betreft |
Ondertekening |
Bekendmaking |
Kamerstukken |
Ondertekening |
Bekendmaking |
Opmerking |
|
22-12-2009 |
intrekking-regeling |
09-11-2009 |
10-12-2009 |
|||||
|
23-05-2007 |
wijziging |
13-03-2007 |
13-03-2007 |
|||||
|
nieuwe-regeling |
15-12-1999 |
15-12-1999 |
||||||
Opmerkingen
1) Besluit van rechtswege vervallen door het vervallen van de grondslag.