Menu

Filter op
content
PONT Omgeving

Kabinet ziet kansen maar plaatst kanttekeningen bij plan ‘van vee naar vezelteelt’ in stikstofaanpak

Het kabinet ziet potentie in het plan om via vrijwillige omschakeling van veehouderij naar vezelteelt de stikstofproblematiek aan te pakken, maar benadrukt tegelijk dat nog belangrijke vragen openstaan over de uitvoerbaarheid, ruimtelijke inpassing en kosteneffectiviteit. Dat blijkt uit de Kamerbrief waarin wordt gereageerd op het advies ‘Nederland van het stikstofslot: vrijwillig van vee- naar vezelteelt’.

15 May 2026

Het plan, dat in juli 2025 werd gepresenteerd door speciaal regeringsvertegenwoordiger Steven van Eijck, stelt voor om landbouwgrond die vrijkomt door vrijwillige beëindiging van veehouderijen in te zetten voor vezelteelt, met name van gewassen als miscanthus, hennep en vlas. Deze gewassen zouden niet alleen bijdragen aan een substantiële reductie van stikstofuitstoot, maar ook CO₂ opslaan en grondstoffen leveren voor onder meer de bouw en industrie. Daarmee wordt een koppeling gemaakt tussen de stikstofopgave, de landbouwtransitie en de ontwikkeling van een circulaire economie.

De gedachte achter het voorstel sluit aan bij het bredere beleidskader van het kabinet. Vrijwillige beëindiging van veehouderijbedrijven en ondersteuning bij omschakeling naar andere landbouwvormen maken al deel uit van de huidige aanpak om stikstofreductie te realiseren en de landbouw toekomstbestendig te maken. Ook past de inzet op vezelteelt binnen bestaande programma’s zoals de Nationale Aanpak Biobased Bouwen en de ambitie om in 2050 tot een volledig circulaire economie te komen.

Tegelijkertijd maakt het kabinet duidelijk dat het plan niet zonder meer kan worden overgenomen. Een belangrijk aandachtspunt betreft de ruimtelijke inpassing. De grootschalige teelt van vezelgewassen zal moeten concurreren met andere ruimtevragende functies in het landelijk gebied, zoals woningbouw, natuurontwikkeling en infrastructuur. Daarbij speelt ook de vraag welk effect opschaling van vezelteelt heeft op natuur en biodiversiteit, met name in en rond Natura 2000-gebieden.

Daarnaast is de financiële dimensie van het voorstel substantieel. Het plan gaat uit van een aanzienlijke bijdrage van de overheid, onder meer voor de omschakeling naar vezelteelt en voor vrijwillige beëindiging van veehouderijen. Voor de stimulering van vezelteelt wordt gerekend op een bijdrage van circa 17.500 euro per hectare, wat in totaal neerkomt op ongeveer 1,4 miljard euro, bovenop de middelen die al beschikbaar zijn voor uitkoopregelingen. Dat roept de vraag op hoe deze investering zich verhoudt tot andere mogelijke maatregelen om de stikstofdoelen te halen.

Ook de economische haalbaarheid vraagt nadere uitwerking. Voor een succesvolle transitie is niet alleen de productie van vezelgewassen van belang, maar juist ook de ontwikkeling van een stabiele afzetmarkt en voldoende verwerkingscapaciteit. Zonder structurele vraag en goed functionerende ketens bestaat het risico dat het verdienmodel voor boeren onvoldoende robuust is. Het kabinet wijst er dan ook op dat verdere groei van de biobased sector en investeringen in verwerking essentiële randvoorwaarden zijn.

Het onderliggende plan schetst een ambitieus perspectief waarin circa 110.000 hectare landbouwgrond wordt ingezet voor vezelteelten, gecombineerd met een reductie van de veestapel en ontwikkeling van nieuwe ketens voor biobased producten. Daarmee zou zowel milieuwinst worden geboekt als een alternatief verdienmodel voor agrariërs worden gecreëerd.

Voor de rechtspraktijk van het omgevingsrecht is met name relevant dat het kabinet inzet op een combinatie van vrijwilligheid, gebiedsgerichte afweging en integrale beleidsafstemming. De verdere uitwerking zal plaatsvinden binnen bestaande kaders zoals het Nationaal Programma Landelijk Gebied en de ruimtelijke ordening van het landelijk gebied. Daarmee blijft de vraag hoe deze nieuwe vormen van landgebruik juridisch worden ingebed en hoe belangen van natuur, landbouw en andere functies tegen elkaar worden afgewogen.

Het kabinet geeft aan het plan, samen met andere voorstellen, te zullen betrekken bij de verdere ontwikkeling van beleid rond stikstof, landbouw en circulaire economie. Daarmee blijft het voorstel nadrukkelijk op tafel als mogelijke bouwsteen voor toekomstige oplossingen, maar is van concrete besluitvorming vooralsnog geen sprake.

Artikel delen

Reacties

Laat een reactie achter

U moet ingelogd zijn om een reactie te plaatsen.