De maatregelen tegen de wooncrisis in Amsterdam werken. Er komen meer sociale huurwoningen bij, de wachttijd daalt en huurders krijgen meer bescherming. Tegelijk blijft de druk op de woningmarkt groot.

Dat blijkt uit de tweede monitor van de Amsterdamse Aanpak Volkshuisvesting (AAV).
Vooral Amsterdammers met een middeninkomen of een kwetsbare positie hebben grote moeite om een passende woning te vinden. Daarom blijft de gemeente Amsterdam zich inzetten op voldoende betaalbare woningen.
De gemeente heeft in 2024 en 2025 belangrijke stappen gezet om huurders beter te beschermen.
Ook op het gebied van verduurzaming zijn resultaten geboekt. Ongeveer 50.000 huishoudens kregen hulp bij energiebesparende maatregelen. Het aantal woningen met een slecht energielabel daalde van 14 procent in 2023 naar 11 procent in 2025.
Vocht en schimmel blijven ondertussen een groot probleem in veel woningen. Wethouder Volkshuisvesting Zita Pels benadrukt dat Amsterdam hierin al intensief samenwerkt met woningcorporaties en bewoners, maar dat ook het Rijk een grotere rol moet spelen.
“De gezondheidsrisico’s van vocht en schimmel zijn groot, en de kosten voor structurele oplossingen zijn enorm. Het Rijk moet meer bijdragen om deze problemen effectief aan te pakken.”
De bouwproductie in Amsterdam is in 2025 toegenomen. Er is gestart met de bouw van 6.053 permanente woningen en 660 tijdelijke woningen. Dat is een duidelijke verbetering ten opzichte van eerdere jaren, maar de ambitie om jaarlijks 7.500 woningen te realiseren blijft een uitdaging. De groei van het aantal woningen wordt mede beïnvloed door economische omstandigheden en de investeringsbereidheid van marktpartijen.
Het aantal sociale huurwoningen groeide licht, van 221.900 woningen in 2023 naar 223.000 woningen in 2025. Die groei komt volledig voor rekening van woningcorporaties. Tegelijk blijft de vraag naar betaalbare woningen groter dan het aanbod. Vooral middeninkomens en kwetsbare groepen hebben moeite om een passende woning te vinden.
De gemiddelde wachttijd voor een sociale huurwoning daalde in 2024 naar 9,8 jaar, maar blijft hoog.
De gemeente werkt samen met woningcorporaties, huurdersorganisaties, zorginstellingen en bewonersorganisaties om meer passende woningen beschikbaar te maken.
Deze samenwerking werpt zijn vruchten af. In 2024 en 2025 zijn 20 zogeheten ‘Lang Leven Thuisflats’ voor ouderen gerealiseerd. Ook wordt meer hospitaverhuur mogelijk gemaakt en zijn stappen gezet om de bestaande woningvoorraad beter te benutten.
Landelijke wetgeving en economische omstandigheden hebben grote invloed op de gemeentelijke aanpak. Zo heeft het voornemen van het kabinet om de Wet Betaalbare Huur te herzien in Amsterdam waarschijnlijk tot gevolg dat huurders meer gaan betalen zonder dat hun woning verbetert.
Ook is de gemeente kritisch op plannen om de opkoopbescherming te beperken. Volgens Amsterdam heeft die maatregel juist bewezen effectief te zijn. Sinds de invoering is het kopen van woningen voor verhuur sterk afgenomen. Daardoor zijn meer woningen beschikbaar gekomen voor eigenaar-bewoning.
Daarom blijft de gemeente zich inzetten voor betaalbare woningen voor alle Amsterdammers.
