Op veel terreinen zijn stimulansen denkbaar om onze samenleving en de waarden die wij koesteren op een verantwoorde manier door te geven aan volgende generaties. De overheid, zowel op internationaal, Europees als nationaal niveau, speelt daarin een doorslaggevende rol. Deze rol kan meer worden gearticuleerd. Regering en parlement zullen nog meer dan nu het geval is over de grenzen van de huidige generatie heen moeten durven kijken. Zij moeten zich rekenschap geven van hun verantwoordelijkheid voor een leefbare wereld voor de kinderen van onze kinderen en kleinkinderen. De verantwoording die daarvoor ooit zal worden afgelegd, zal als het ware naar voren moeten worden getrokken, naar het ‘hier en nu’. Zo ontstaat voor toekomstige generaties een recht op de toekomst dat zij niet zelf kunnen afdwingen. Onze generatie kan dat wel.

Meer aandacht voor toekomstige generaties
Dit is te lezen in de algemene beschouwing van het jaarverslag van de Raad van State over 2025. Deze keer gaat de beschouwing over de zogeheten intergenerationele rechtvaardigheid, ofwel het beginsel dat de huidige generatie een verantwoordelijkheid heeft om hulpbronnen, leefbaarheid en economische stabiliteit eerlijk te delen met toekomstige generaties en te voorkomen dat de lasten daarvan onevenredig op hen en op hun nakomelingen worden afgewenteld. Ook zij hebben recht op een toekomst.
Pensioenen, klimaat, migratie en woningbouw, het zijn allemaal zaken die zich uitstrekken over langere tijd. Het is begrijpelijk dat politiek en bestuur zich vaak richten op de ‘problemen van nu’ en voor de ‘mensen van nu’. Er gebeurt echt al wel wat om de belangen van de toekomstige generaties een plek te geven in het hier en nu. Maar het is vaak nog ongelijkmatig, versnipperd en moeilijk te koppelen aan het reguliere overheidsbeleid. Veel initiatieven bevinden zich nog in een pril stadium en zijn nog vrijblijvend. Om intergenerationele rechtvaardigheid echt substantiële inhoud te geven, is meer nodig.
Democratische instituties hebben de opdracht om instrumenten voor de lange termijn te ontwikkelen en te incorporeren in de reguliere beleids- en besluitvorming. Innovaties zoals ‘ingeburgerde’ burgerberaden, een zogeheten toekomstambassadeur in relevante beleidssectoren en een ombudsfunctie voor toekomstige generaties dragen bij aan gerichte aandacht voor jongeren en voor de generaties na hen. Toekomstige belangen en omstandigheden zijn niet altijd goed kenbaar; vormen van scenariodenken, zoals future design, kunnen inzicht geven welke mogelijke rechten en belangen in de toekomst op het spel staan.
De Raad van State beveelt in zijn beschouwing dit jaar aan om te kijken of het wenselijk is de belangen van toekomstige generaties constitutioneel te verankeren. Een grondwettelijke opdracht kan als toetssteen dienen voor wet- en regelgeving en voor rechtspraak, maar zal moeten worden afgewogen tegen een grondwet die van oudsher terughoudend en sober is vormgegeven. Uit de sociale grondrechten in de Grondwet kan indirect al een verplichting worden afgeleid om zich in te spannen voor toekomstige generaties op verschillende terreinen. Regering en parlement zouden zich hiervan meer rekenschap kunnen geven door deze grondrechten expliciet in toelichtingen bij wetsvoorstellen te benoemen.
Meerjarige akkoorden met maatschappelijke sectoren kunnen structurele lijnen trekken naar de toekomst en verbeteringen tot stand brengen op diverse maatschappelijke terreinen. Politieke stabiliteit is in deze tijd niet vanzelfsprekend. Daarom is het goed om brede parlementaire akkoorden na te streven met afspraken voor de langere termijn op centrale thema’s die de sociale, ecologische en economische duurzaamheid van ons land kunnen veiligstellen voor volgende generaties. De Afdeling advisering van de Raad van State heeft hierin zelf ook een taak. Zij kan toekomstgerichtheid meer betrekken in haar adviezen over wetsvoorstellen die regering en parlement aan haar voorlegt.
De volledige algemene beschouwing van het jaarverslag staat op de website van de Raad van State. Ook de andere drie onderdelen van het jaarverslag (De Raad als instituut, De Raad als adviseur en De Raad als bestuursrechter) zijn daar te vinden, net als een compleet overzicht van de cijfers over 2025 en de overzichten met de beeldbepalende adviezen en uitspraken van het afgelopen jaar.
In 2025 zijn 344 zaken voor advies aan de Afdeling advisering voorgelegd. Dit aantal is iets hoger dan in 2024. De Afdeling advisering heeft in 2025 in 312 zaken advies of voorlichting uitgebracht. Dat zijn er bijna veertig minder dan in 2024. Gemiddeld deed de Afdeling advisering er 48 dagen over om tot een advies te komen. Dat is ongeveer even lang als de gemiddelde adviesduur in de voorgaande jaren. In 2025 is ruim 67% van de adviezen binnen twee maanden afgedaan en ruim 85% binnen drie maanden. Meer dan 60% kreeg een zogeheten ‘advies conform’, dat is een advies zonder opmerkingen, en 11,4% van het totaal aantal adviezen was negatief.
De Afdeling bestuursrechtspraak heeft in 2025 ongeveer 10.900 rechtszaken afgedaan. Dat zijn er ruim 350 meer dan in 2024. Het aantal ingekomen zaken bedraagt in 2025 ongeveer 10.700. Dat zijn zo’n 400 zaken minder dan het jaar daarvoor. Omdat de uitstroom hoger was dan de instroom is het aantal zaken dat in behandeling is, afgenomen. De gemiddelde doorlooptijd van zaken in 2025 is 36 weken. In de Omgevingskamer kwamen bijna 2.400 zaken binnen. Dat zijn er 600 minder dan het jaar daarvoor. De instroom van zaken in de Algemene kamer nam daarentegen toe met ruim 330 zaken en die in de Vreemdelingenkamer bleef met ongeveer 6.000 zaken nagenoeg gelijk met het aantal in 2024. Sinds de zomer van 2024 krijgen woningbouwzaken voorrang op andere rechtszaken in het omgevingsrecht. Eerder zou dit project stoppen op 1 juli 2025, maar door de bereikte resultaten en vanwege het grote maatschappelijke belang van de woningbouwopgave heeft de Afdeling bestuursrechtspraak besloten om daar in elk geval tot de zomer van 2026 mee door te gaan.
Alle beschouwingen, interviews, cijfers van advisering en bestuursrechtspraak en de overzichten met interessante adviezen en uitspraken van 2024.
