Menu

Filter op
content
PONT Omgeving

Bij ministeriële regeling worden regels gesteld over de hoogte en de begrenzing van verhaalbare kostensoorten (de huidige delegatiegrondslag uit artikel 6.2.6 Bro). Bij de regels kan een onderscheid worden gemaakt naar type locatie en aard en omvang van de bouwactiviteit. Sinds 1 april 2017 is de Regeling plankosten exploitatieplan van kracht. Vanaf 2010 bestond al een conceptregeling (de zogenaamde plankostenscan) die veelvuldig is toegepast en door de bestuursrechter is gesanctioneerd. De Regeling plankosten exploitatieplan heeft betrekking op de hoogte en de begrenzing van verhaalbare plankosten als bedoeld in artikel 6.2.6 van het Besluit ruimtelijke ordening (Bro). Het gaat in hoofdzaak om de kosten van de voorbereiding van en het toezicht op de uitvoering van voorzieningen en werken, van het opstellen van gemeentelijke ruimtelijke plannen en van de overige gemeentelijke apparaatskosten. De regeling is bedoeld als (verplichte) harmonisatie om te voorkomen dat er (te) grote verschillen ontstaan in de hoogte van de ambtelijke kosten die in rekening worden gebracht. Wanneer de daadwerkelijke kosten lager zijn dan het met toepassing van deze regeling bepaalde maximumbedrag, kan de gemeente van de regeling afwijken. Deze regeling werkt met vooraf vastgestelde tarieven en prijzen, een eindafrekening op basis van werkelijk gemaakte kosten is niet nodig. Bij de eindafrekening moet wel worden verantwoord welke producten en diensten daadwerkelijk zijn geleverd. De regeling is niet van toepassing op kostenverhaal via een anterieure overeenkomst, maar wordt in de praktijk wel regelmatig gebruikt om er de contractueel overeen te komen exploitatiebijdrage aan te toetsen. In de nog op te stellen Aanvullingsregeling zullen nadere regels worden gesteld over de begrenzing van de hoogte van een of meer van de verhaalbare kostensoorten.