Menu

Filter op
content
PONT Omgeving

Omgevingsdienst NL reageert op kamerbrief over de voortgang van energiebesparing

Op 13 april heeft de minister van Klimaat en Groene Groei (KGG) de Tweede Kamer geïnformeerd over de voortgang van het beleid om te komen tot meer besparing van energie. Omgevingsdienst NL onderschrijft de inhoud van de Kamerbrief over de voortgang van energiebesparing. Wij waarderen de constructieve houding van het ministerie en de goede samenwerking met de omgevingsdiensten bij de verdere versterking van de energiebesparingsplicht.

Omgevingsdienst.nl 21 April 2026

Stand van energiebesparing

De minister beroept zich op het rapport van het Informatiepunt Leefomgeving (IPLO) Middelen voor energietoezicht bij omgevingsdiensten, bijgevoegd bij de kamerbrief. In het rapport van IPLO is een tussenstand gegeven van het percentage van de doelgroep van de energiebesparingsplicht dat is bezocht sinds het begin van deze ronde tot aan oktober 2025. In die periode is minimaal 31% (30.681 locaties) van de doelgroep gecontroleerd. Op basis daarvan is duidelijk dat in elk geval meer dan 16% (16.401 locaties) van de doelgroep volledig voldoet.

Met betrekking tot de tussenstand van de naleving merken wij op dat omgevingsdiensten pas recent toegang hebben gekregen tot de data van netbeheerders. Deze ontwikkeling geeft een belangrijke impuls aan het beter in kaart brengen van de doelgroep van de energiebesparingsplicht en draagt daarmee bij aan het verder verhogen van de naleving.

De minister noemt het Meerjarig uitvoeringsplan (MUP) van Omgevingsdienst NL als maatregel om toezicht en handhaving op de energiebesparingsplicht te versterken. Omgevingsdienst NL onderschrijft het grote belang hiervan en benadrukt dat de gezamenlijke inzet op dit programma nu al concrete resultaten oplevert. Denk hierbij aan het verbeteren van de netbeheerdersdata en het ontwikkelen van een werkwijze voor risico gestuurd energie toezicht. Vanuit Omgevingsdienst NL wordt intensief gewerkt aan verdere uniformering en professionalisering van toezicht en handhaving.

Financiering toezicht en handhaving

De minister gaat ook in op de financiering voor toezicht en handhaving. Uit onderzoek van het Informatiepunt Leefomgeving (IPLO) blijkt dat de financiering van toezicht en handhaving verschilt per regio. Omgevingsdiensten zijn gemiddeld voor een groot deel afhankelijk van rijksmiddelen via de Specifieke Uitkering Toezicht en Handhaving Energiebesparing (SpUk THE). Gemeentelijke en provinciale bijdragen lopen uiteen. Dit verschil zet de kwaliteit en kwantiteit van het toezicht op termijn onder druk. Het op peil houden van een landelijk robuust en uniform toezichtniveau vormt daarmee een aanzienlijke uitdaging.

Omgevingsdienst NL onderschrijft daarom de intentie van de minister om te komen tot nadere normstelling. Duidelijke en consistente kaders voor financiering en uitvoering zijn essentieel om de effectiviteit van de energiebesparingsplicht ook op de langere termijn te borgen. Ook ondersteund Omgevingsdienst NL nadrukkelijk de keuze om de SpUk-THE met twee jaar te verlengen tot en met 2028. De minister geeft aan dat dit noodzakelijk is zolang er nog geen normstelling is. De verlenging van de SpUK-THE biedt de noodzakelijke continuïteit om toezicht en handhaving op de energiebesparingsplicht effectief voort te zetten en verder te professionaliseren.

https://www.rijksoverheid.nl/documenten/kamerstukken/2026/04/13/voortgang-energiebesparing

Artikel delen

Reacties

Laat een reactie achter

U moet ingelogd zijn om een reactie te plaatsen.