Menu

Filter op
content
PONT Omgeving

Artikel 494

  • 1

    De officier van justitie wint bij de raad voor de kinderbescherming inlichtingen in omtrent de persoonlijkheid en de levensomstandigheden van de verdachte, tenzij hij aanstonds onvoorwaardelijk van vervolging afziet. Indien de officier van justitie de zaak voor de kantonrechter of bij wijze van strafbeschikking vervolgt, kan hij deze inlichtingen bij de raad inwinnen.

  • 2

    Indien de verdachte zich in voorlopige hechtenis bevindt of ingevolge artikel 196 in een instelling is opgenomen, geeft de officier van justitie onverwijld bericht aan de raad.

  • 3

    De raad kan de officier van justitie ook uit eigen beweging adviseren.

  • 4

    De rechter-commissaris kan eveneens bij de raad de inlichtingen, bedoeld in het eerste lid, inwinnen.

Informatie geldend op 01-08-2019

Regelgeving die op dit artikel is gebaseerd (gedelegeerde regelgeving)

Geen

Beleidsregels en circulaires die dit artikel als wettelijke bevoegdheid hebben

Geen

Artikelen of vergelijkbare tekst die verwijzen naar dit artikel

  1. Wetboek van Strafvordering
    artikel: 494a

Overzicht van wijzigingen voor dit artikel

(01-08-2019)

Ontstaansbron

Inwerkingtreding

Datum van inwerking- treding

Terugwerkende kracht

Betreft

Ondertekening

Bekendmaking

Kamerstukken

Ondertekening

Bekendmaking

Opmerking

01-06-2019

wijziging

15-05-2019

Stb. 2019, 180

35116

15-05-2019

Stb. 2019, 181

01-01-2019

wijziging

24-01-2018

Stb. 2018, 38

32398

11-12-2018

Stb. 2018, 498

01-09-1995

nieuw

07-07-1994
samen met
12-04-1995

Stb. 1994, 528
samen met
Stb. 1995, 227

21327
samen met
23855

10-07-1995

Stb. 1995, 357

01-09-1995

vervallen

07-07-1994

Stb. 1994, 528

21327

10-07-1995

Stb. 1995, 357

01-07-1992

wijziging

03-06-1992

Stb. 1992, 278

21967

17-06-1992

Stb. 1992, 299

01-07-1965

vervallen

09-11-1961

Stb. 1961, 402

4141

16-02-1965

Stb. 1965, 58

nieuw

09-11-1961

Stb. 1961, 402

4141

16-02-1965

Stb. 1965, 58

01-01-1926

nieuwe-regeling

15-01-1921

Stb. 1921, 14

04-12-1925

Stb. 1925, 465