Het gerecht kan ambtshalve, op vordering van het openbaar ministerie of op verzoek van de verdachte of diens raadsman bepalen, dat vragen betreffende de persoonlijkheid of de levensomstandigheden van de verdachte buiten diens tegenwoordigheid zullen worden gesteld en behandeld en dat het openbaar ministerie of de raadsman buiten tegenwoordigheid van de verdachte daarover het woord zal voeren.
Het tweede lid van artikel 300 is van overeenkomstige toepassing.
Regelgeving die op dit artikel is gebaseerd (gedelegeerde regelgeving)
Geen
Beleidsregels en circulaires die dit artikel als wettelijke bevoegdheid hebben
Geen
Artikelen of vergelijkbare tekst die verwijzen naar dit artikel
Wet militaire strafrechtspraak
artikel: 39
Wetboek van Strafrecht
artikel: 77ee
Wetboek van Strafvordering
artikel: 509d, 500, 501
(01-08-2019)
|
Datum van inwerking- treding |
Terugwerkende kracht |
Betreft |
Ondertekening |
Bekendmaking |
Kamerstukken |
Ondertekening |
Bekendmaking |
Opmerking |
|
wijziging |
15-01-1998 |
15-01-1998 |
||||||
|
nieuw |
07-07-1994 |
Stb. 1994, 528 |
10-07-1995 |
|||||
|
vervallen |
07-07-1994 |
Stb. 1994, 528 |
10-07-1995 |
|||||
|
vervallen |
09-11-1961 |
Stb. 1961, 402 |
16-02-1965 |
Stb. 1965, 58 |
||||
|
nieuw |
09-11-1961 |
Stb. 1961, 402 |
16-02-1965 |
Stb. 1965, 58 |
||||
|
wijziging |
24-12-1954 |
Stb. 1954, 602 |
26-05-1956 |
Stb. 1956, 308 |
||||
|
nieuwe-regeling |
15-01-1921 |
Stb. 1921, 14 |
04-12-1925 |
Stb. 1925, 465 |
||||